2.1 KN hst.14 - Blok 2.1 Waarnemen en reageren Klinische...

Info iconThis preview shows pages 1–2. Sign up to view the full content.

View Full Document Right Arrow Icon
Blok 2.1 Waarnemen en reageren Klinische Neurologie Hst. 14 Cerebrovasculaire aandoeningen (Medical Physiology Hst. 61) Vanuit de arcus aortae vertakken 3 bloedvaten: truncus brachiocephalicus, a. carotis communis sinistra en a. subclavia sinistra. De truncus brachiocephalicus splitst weer in de a. subclavia dextra en de a. carotis communis dextra . De a. vertebralis dextra en sinistra zijn aftakkingen van de a. subclavia dextra en sinistra. Een a. carotis communis splitst in een a. carotis interna en een a. carotis externa. De aa. vertebralia komen samen in de a. basilaris . De a. basilaris en de aa. carotis interna vormen samen de bloedaanvoer voor de cirkel van Willis . De afvoer van bloed vanaf de cirkel van Willis gaat via de aa. cerebri anteriores , posteriores en mediae . Elk van deze bloedvaten heeft een sinister en dexter. De a. cerebri anterior verzorgt vooral het voorste mediane gedeelte van de grote hersenhemisfeer, de a. cerebri media de convexiteit en de a. cerebri posterior het achterste basale gedeelte. De a. basilaris verzorgt de hersenstam en een groot deel van het cerebellum. Aangezien het cerbrum niet in staat is energie op te slaan, is voor een goede functie een continue aanvoer van zuurstof en glucose noodzakelijk. Bloeddrukvariaties tussen 60 en 160 mm Hg veranderen onder normale omstandigheden de cerebrale doorstroming (CBF) en daarmee de cerebrale zuurstof- en glucose voorziening niet. Dit komt door de autoregulatie : Metabole koppeling : bij neuronale activiteit is er sprake van ionentransport, dit transport is gekoppeld aan de doorbloeding. PCO 2 vasodilatatie. Dit komt doordat CO 2 in water H 2 CO 3 vormt en dit splitst in HCO 3 - en H + . De H + ionen zorgen voor vasodilatatie van de cerebrale bloedvaten. Ook zorgt een hogere H + concentratie voor een verminderde neuronale activiteit. PO 2 vasodilatatie (pas als het heel laag wordt) Bayliss effect : als de transmurale druk groter wordt, gaan de wanden tegen drukken. Hierdoor blijft de bloedstroomsterkte constant. Onder 40-50 mm Hg wordt er uit het langzaam stromende bloed meer O2 en glucose onttrokken dan normaal. Wanneer ook dit compensatiemechanisme faalt, kan niet meer worden voldaan aan de metabole behoefte van de neuronen en treedt functieverlies op. Bij patiënten met hypertensie is de autoregulatie aan hun hogere bloeddrukwaarden gekoppeld. Zij krijgen bij hogere bloeddrukwaarden (bijv. al bij 70 mm Hg) eerder ischemische verschijnselen dan normotensieve patiënten. Ook reageren de bloedvaten op mechanische prikkels, zoals plaatselijke beschadigingen van de vaatwand of bloedingen. Wanneer de neuronale activiteit in een deel van de hersenen verhoogd, wordt de regionale bloedstroom snel groter. Het
Background image of page 1

Info iconThis preview has intentionally blurred sections. Sign up to view the full version.

View Full Document Right Arrow Icon
Image of page 2
This is the end of the preview. Sign up to access the rest of the document.

{[ snackBarMessage ]}

Page1 / 3

2.1 KN hst.14 - Blok 2.1 Waarnemen en reageren Klinische...

This preview shows document pages 1 - 2. Sign up to view the full document.

View Full Document Right Arrow Icon
Ask a homework question - tutors are online