2.1 LPs hst.11 - Blok 2.1 Waarnemen en reageren Leerboek...

Info iconThis preview shows pages 1–2. Sign up to view the full content.

View Full Document Right Arrow Icon
Blok 2.1 Waarnemen en reageren Leerboek Psychiatrie Hst. 11 Stemmingsstoornissen 11.1 Unipolaire stemmingsstoornissen Verdriet of somberheid is een normale emotie die vaak wordt ervaren door gezonde mensen als reactie op ongeluk, inclusief rouw. We kunnen een sombere stemming pas pathologisch noemen als de intensiteit en de duur van de somberheid niet in verhouding staan tot de aanleiding. Hoewel een depressie in vele opzichten lijkt op het ongecompliceerde rouwproces komen ernstig pessimisme, suïcidaliteit, diepgaand schuldgevoel en psychotische symptomen hierbij zelden voor, terwijl het beloop meer wisselend is. Pas als ernstige symptomen meer dan 2 maanden na het begin van de rouw aanwezig blijven, is er verdenking op een depressie. Cognitieve symptomen : vooral op het gebied van de concentratie, geheugen, oordeelsvermogen en de vorm en inhoud van het denken. De patiënt is gepreoccupeerd met het idee waardeloos te zijn. Er is sprake van overmatige en/of misplaatste schuldgevoelens, besluiteloosheid, gedachten van uitzichtloosheid, hopeloosheid, hulpeloosheid en preoccupatie met de dood dan wel zelfmoord. Pessimistische gedachten of depressieve cognities t.g.v. de sombere stemming betreffen gedachten over het heden, toekomst en verleden. Affectieve symptomen : somberheid en verlies van interesse of plezier in dagelijkse bezigheden ( anhedonie ). Van deze 2 symptomen moet er altijd minstens 1 aanwezig zijn om de diagnose depressie te kunnen stellen. Daarnaast kan de stemming hopeloos, prikkelbaar en angstig zijn. Somatische symptomen : moeheid, slaapstoornissen, eetlustvermindering, gewichtsverlies, obstipatie, libidoverlies en amenorroe bij vrouwen. Conatieve symptomen : bij lichte depressieve stoornissen niet altijd even duidelijk aanwezig, maar bij matige tot ernstige depressieve beelden komen ze vaak voor. De psychomotorische stoornissen betreffen zowel remming als agitatie. Ook veranderen motivatie en gedrag. Risicofactoren voor een geslaagde suïcide bij een depressieve stoornis zijn: Anamnestisch: eerdere pogingen, omschreven suïcideplannen, zelfdestructieve dromen, mannelijk geslacht, oudere leeftijd, misbruik van alcohol en/of drugs, persoonlijkheidsstoornis, positieve familieanamnese voor suïcide Specifieke symptomen: hopeloosheid, psychotische symptomen, angst, agitatie, chronische slapeloosheid, opgekropte agressie en sterke schuldgevoelens Sociale factoren: alleen leven zonder partner, gebrek aan sociale contacten, gebrek aan levensvooruitzichten, moeilijk oplosbare problemen Diagnostische criteria voor de depressieve stoornis: A. Ten minste 5 van de volgende symptomen zijn bijna elke dag aanwezig geweest binnen dezelfde periode van 2 weken en zij weerspiegelen een verandering t.o.v. het eerdere functioneren. a en/of b moeten in ieder geval aanwezig zijn. a.
Background image of page 1

Info iconThis preview has intentionally blurred sections. Sign up to view the full version.

View Full DocumentRight Arrow Icon
Image of page 2
This is the end of the preview. Sign up to access the rest of the document.

This note was uploaded on 01/09/2011 for the course MED Blok 2.1 taught by Professor Jansen during the Fall '10 term at Rijksuniversiteit Groningen.

Page1 / 4

2.1 LPs hst.11 - Blok 2.1 Waarnemen en reageren Leerboek...

This preview shows document pages 1 - 2. Sign up to view the full document.

View Full Document Right Arrow Icon
Ask a homework question - tutors are online